Wat is serotonine precies?
Serotonine is een belangrijke signaalstof die betrokken is bij stemming, slaap, pijnverwerking en de spijsvertering. Hoewel serotonine vaak wordt geassocieerd met de hersenen, bevindt het grootste deel zich in het maag-darmkanaal.
De samenwerking tussen darmflora, zenuwstelsel en hersenen maakt serotonine bijzonder interessant. Wat gebeurt er wanneer deze communicatie verandert? En welke rol spelen voeding, stress en slaap?
Wat is serotonine?
Serotonine, ook bekend als 5-hydroxytryptamine (5-HT), is een neurotransmitter en signaalstof.
Het lichaam maakt serotonine uit het aminozuur tryptofaan. Dit proces is afhankelijk van verschillende enzymen en voedingsstoffen.
Ongeveer 90 tot 95% van de serotonine in het lichaam wordt geproduceerd in het maag-darmkanaal, voornamelijk door enterochromaffiene cellen in de darmwand.
De serotonine die in de darmen wordt geproduceerd, komt niet rechtstreeks in de hersenen terecht. Serotonine passeert de bloed-hersenbarrière niet. De hersenen maken hun eigen serotonine aan.
De belangrijkste functies van serotonine
Serotonine heeft verschillende functies in het lichaam.
-
Stemming: betrokken bij emotionele verwerking en stemmingsregulatie.
-
Slaap: speelt een rol in processen die samenhangen met het slaap-waakritme en de aanmaak van melatonine.
-
Spijsvertering: beïnvloedt darmbewegingen en de afscheiding van vocht in de darm.
-
Pijnverwerking: betrokken bij de verwerking van pijnprikkels.
-
Eetlust: speelt een rol bij verzadiging en eetgedrag.
-
Darm-hersencommunicatie: helpt bij de overdracht van signalen tussen het maag-darmkanaal en het zenuwstelsel.
Serotonine en de darmflora
De darmflora speelt een belangrijke rol bij de regulatie van serotonine in het maag-darmkanaal.
Darmbacteriën kunnen via hun stofwisselingsproducten invloed uitoefenen op de serotonineproductie van cellen in de darmwand.
Wat laat onderzoek zien?
Yano en collega’s onderzochten in 2015 de relatie tussen darmbacteriën en serotonineproductie.
De onderzoekers ontdekten dat bepaalde bacteriegroepen de serotoninesynthese in darmcellen stimuleerden. Dit beïnvloedde onder andere de darmbewegingen.
Een belangrijk onderscheid: een groot deel van dit onderzoek werd uitgevoerd in muismodellen. Het laat een biologisch mechanisme zien, maar bewijst niet dat het veranderen van de darmflora bij mensen automatisch de serotonineproductie in de hersenen verhoogt.
Symptomen die vaak met een serotoninetekort worden geassocieerd
Een laag serotonineniveau wordt regelmatig genoemd als mogelijke verklaring voor uiteenlopende klachten.
Voorbeelden zijn:
-
Somberheid
-
Prikkelbaarheid
-
Angstgevoelens
-
Slaapproblemen
-
Veranderingen in eetlust
-
Verhoogde pijngevoeligheid
-
Darmklachten
Deze symptomen zijn niet specifiek voor serotonine. Er bestaat geen reguliere test waarmee een tekort aan serotonine in de hersenen betrouwbaar kan worden vastgesteld.
Ook is niet aangetoond dat depressie simpelweg wordt veroorzaakt door een te laag serotonineniveau. Een grote overzichtsstudie vond geen overtuigend bewijs voor deze eenvoudige verklaring.
Wat beïnvloedt de serotoninehuishouding?
1. Tryptofaan
Tryptofaan is een essentieel aminozuur en de uitgangsstof voor de aanmaak van serotonine.
Voedingsbronnen zijn onder andere:
-
Kalkoen en kip
-
Eieren
-
Zuivel
-
Pompoenpitten
-
Noten
-
Peulvruchten
-
Havermout
De aanwezigheid van tryptofaan in voeding betekent niet automatisch dat de serotonineproductie in de hersenen toeneemt. Ook de opname, het transport naar de hersenen en andere stofwisselingsroutes spelen een rol.
2. Vitamine B6, magnesium en zink
Verschillende voedingsstoffen zijn betrokken bij de normale werking van het zenuwstelsel en de stofwisseling van aminozuren.
Vitamine B6 is onder andere betrokken bij de omzetting van 5-HTP naar serotonine.
Magnesium en zink ondersteunen verschillende enzymatische processen en de normale werking van het zenuwstelsel.
Een voldoende inname is belangrijk. Extra suppletie verhoogt niet automatisch het serotonineniveau wanneer er geen tekort bestaat.
3. Stress en cortisol
Langdurige stress kan invloed hebben op de communicatie tussen hersenen, hormoonsysteem en darmen.
De HPA-as en het cortisolritme spelen hierin een rol. De relatie tussen stress en serotonine is complex en verloopt via verschillende biologische mechanismen.
Er is geen bewijs dat burn-out standaard wordt veroorzaakt door een serotoninetekort of dat cortisol bij iedereen de serotoninesynthese rechtstreeks onderdrukt.
4. Slaap en daglicht
Serotonine is betrokken bij de biologische processen die samenhangen met het slaap-waakritme.
Melatonine wordt in de pijnappelklier aangemaakt uit serotonine. Daglicht, regelmaat en de timing van slaap beïnvloeden het circadiane systeem.
Voldoende daglicht overdag en een regelmatig slaapritme ondersteunen een gezonde biologische timing.
Serotonine en burn-out
Bij burn-out kunnen vermoeidheid, slaapproblemen, concentratieverlies en stemmingsveranderingen optreden.
Deze klachten kunnen samenhangen met veranderingen in stressregulatie, slaap, cognitieve belasting en verschillende neurobiologische systemen.
Serotonine is één van de systemen die hierbij wordt onderzocht. Burn-out kan echter niet worden teruggebracht tot één neurotransmitter.
Serotonine en PDS
Serotonine speelt een belangrijke rol in de werking van het maag-darmkanaal.
Het beïnvloedt onder andere:
-
Darmmotiliteit
-
Vochtsecretie
-
Gevoeligheid voor darmprikkels
-
Communicatie tussen darm en zenuwstelsel
Bij mensen met het prikkelbare darmsyndroom (PDS) zijn veranderingen in serotoninesignalering beschreven.
Bij diarree-dominante PDS en obstipatie-dominante PDS kunnen verschillende serotonerge mechanismen betrokken zijn. Het is echter te eenvoudig om te stellen dat de ene vorm uitsluitend door een serotonineoverschot en de andere door een tekort wordt veroorzaakt.
De darmflora is een interessant onderzoeksgebied binnen deze darm-hersencommunicatie. Er is nog onvoldoende bewijs dat probiotica bij iedereen met PDS de serotoninebalans herstellen.
Hoe ondersteun je de serotoninehuishouding?
Een gezonde serotoninehuishouding vraagt om aandacht voor meerdere factoren.
Voeding: zorg voor voldoende eiwitten, vezels en gevarieerde voedingsmiddelen.
Darmflora: eet voldoende vezelrijke producten en varieer met groenten, fruit, peulvruchten en volkorenproducten.
Beweging: regelmatige lichaamsbeweging ondersteunt de algemene gezondheid en stemming.
Daglicht: zorg voor voldoende blootstelling aan daglicht, vooral in de ochtend.
Slaap: houd een regelmatig slaap-waakritme aan.
Stressregulatie: plan herstelmomenten en beperk langdurige overbelasting waar mogelijk.
5-HTP en L-tryptofaan
5-HTP en L-tryptofaan worden verkocht als supplementen die de serotonineaanmaak ondersteunen.
Deze stoffen kunnen echter interacties hebben met geneesmiddelen die het serotoninesysteem beïnvloeden, waaronder SSRI’s, SNRI’s en bepaalde andere antidepressiva.
Combinatiegebruik kan het risico op het serotoninesyndroom verhogen. Gebruik deze supplementen daarom niet zonder voorafgaand overleg met arts of apotheker wanneer je serotonerge medicatie gebruikt.
Conclusie
Serotonine is veel meer dan een neurotransmitter die met geluk wordt geassocieerd. Het speelt een belangrijke rol in de darmwerking, slaap, pijnverwerking en communicatie tussen lichaam en hersenen.
De darmflora beïnvloedt de serotonineproductie in het maag-darmkanaal. Hoe deze interactie precies doorwerkt op stemming en gezondheid bij mensen, wordt nog onderzocht.
Een gevarieerd voedingspatroon, voldoende beweging, daglicht, slaap en stressregulatie ondersteunen de normale werking van het lichaam.
Angelique de Graav
bronnen
-
Yano JM et al. (2015). Indigenous bacteria from the gut microbiota regulate host serotonin biosynthesis. Cell, 161(2), 264–276. DOI: 10.1016/j.cell.2015.02.047.
-
Jenkins TA et al. (2016). Influence of tryptophan and serotonin on mood and cognition with a possible role of the gut-brain axis. Nutritional Neuroscience, 19(5), 246–255.
-
Moncrieff J et al. (2022). The serotonin theory of depression: a systematic umbrella review of the evidence.Molecular Psychiatry, 28, 3243–3256.